ECLI:NL:CRVB:2022:83
Centrale Raad van Beroep · 10-01-2022 · zaaknummer 20/4360 WW
Inhoudsindicatie
Afzien van het kwijtschelden van openstaande vorderingen op appellant van in totaal € 9.801,19. Geen bijzondere omstandigheden. De looptijd en de hoogte van appellants aflossingen zijn verdisconteerd in het kwijtscheldingsbeleid van het Uwv. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat de (voortgezette) terugvordering door het Uwv voor hem onaanvaardbare financiële gevolgen heeft, of dat zijn gestelde psychische klachten een gevolg zijn hiervan. Bovendien geldt dat appellant als schuldenaar de bescherming heeft, of kan inroepen, van de regels over de beslagvrije voet als bedoeld in de artikelen 475b tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, voor zover zijn inkomen door beslaglegging of invordering onder het bestaansminimum zou dalen.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
