ECLI:NL:CRVB:2022:761
Centrale Raad van Beroep · 30-03-2022 · zaaknummer 20/1967 WIA
Inhoudsindicatie
In dit geschil moet de vraag worden beantwoord of het Uwv de mate van arbeidsongeschiktheid van appellant in de zin van de Wet WIA terecht met ingang van 18 december 2018 heeft vastgesteld op 44,87%. Pas wanneer wordt geoordeeld dat sprake is van volledige arbeidsongeschiktheid komt de vraag over de duurzaamheid aan de orde. Wat appellant in hoger beroep heeft aangevoerd, is goeddeels een herhaling van wat hij in bezwaar en beroep tegen de medische grondslag van het bestreden besluit naar voren heeft gebracht. De rechtbank wordt gevolgd in haar oordeel dat er een zorgvuldig en volledig medisch onderzoek heeft plaatsgevonden conform de eisen die aan een dergelijk onderzoek worden gesteld. De nadere medische informatie die appellant ter onderbouwing van zijn standpunt in hoger beroep heeft overgelegd, geeft geen aanknopingspunten om aan de bevindingen van de verzekeringsarts bezwaar en beroep te twijfelen. Daarbij merkt de Raad op dat het rapport van Groenewegen op 15 december 2020 niet ziet op de datum in geding, omdat het mede opgesteld is naar aanleiding van de gevolgen van een COVID-19 infectie. Ook de gronden van appellant over de medische geschiktheid van de geselecteerde functies treffen geen doel. Hieruit volgt dat het hoger beroep niet slaagt. De aangevallen uitspraak zal worden bevestigd, voor zover aangevochten.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
