ECLI:NL:CRVB:2022:685
Centrale Raad van Beroep · 03-03-2022 · zaaknummer 19/4813 ZW
Inhoudsindicatie
Met de rechtbank wordt geoordeeld dat aan de bestreden besluiten een zorgvuldig medisch onderzoek ten grondslag ligt en dat er geen aanleiding is om te twijfelen aan de juistheid van de conclusie van de (verzekerings)artsen dat appellant op 31 augustus 2018, 3 oktober 2018 en 17 december 2018 geschikt was voor de laatstelijk verrichte arbeid van accountmanager. De overwegingen van de rechtbank, zoals weergegeven onder 2.2, 3.2 en 4.2, worden onderschreven. Anders dan appellant heeft gesteld, kan uit de dossiers niet worden afgeleid dat de anonieme fraudemelding die het Uwv op 11 juli 2018 heeft ontvangen een rol heeft gespeeld bij de daaropvolgende besluiten over zijn arbeidsgeschiktheid. De procedures in hoger beroep hebben uitsluitend betrekking op het recht van appellant op een ZW-uitkering. De vraag of het Uwv terecht geen plan van aanpak heeft opgesteld ten behoeve van zijn re-integratie, valt hier buiten en wordt daarom onbesproken gelaten. De overwegingen leiden tot de conclusie dat de hoger beroepen niet slagen en de aangevallen uitspraken moeten worden bevestigd. Bij deze uitkomst worden de verzoeken om veroordeling van het Uwv tot vergoeding van schade afgewezen.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
