ECLI:NL:CRVB:2022:553
Centrale Raad van Beroep · 11-03-2022 · zaaknummer 21/3745 MPW
Inhoudsindicatie
Verzoeker voert in zijn verzoek om herziening aan dat sprake is van een bijzonder geval, waardoor hij in aanmerking komt voor vergoeding van de advocaatkosten. Wat verzoeker aanvoert zijn geen feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 8:119, eerste lid, van de Awb, maar argumenten waarmee verzoeker een discussie probeert te voeren over de juistheid van de uitspraak van 30 juli 2021. Volgens vaste rechtspraak is het bijzondere rechtsmiddel van herziening niet gegeven om een discussie over de betrokken uitspraak te openen, tenzij sprake is van een nieuw feit of nieuwe omstandigheid als hiervoor bedoeld.1 Alleen al omdat al deze omstandigheden, waarnaar verzoeker verwijst, al bij hem bekend waren vóór de uitspraak waarvan herziening wordt gevraagd, is er geen sprake van feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 8:119, eerste lid, van de Awb. Uit voorgaande volgt dat het verzoek om herziening moet worden afgewezen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
