ECLI:NL:CRVB:2022:548
Centrale Raad van Beroep · 24-02-2022 · zaaknummer 21/2389 AW
Inhoudsindicatie
In verzet heeft de gemachtigde van appellante verklaard dat het hoger beroepschrift op 2 juli 2021 aan PostNL is aangeboden voor aangetekende verzending. Informatie is ingewonnen bij PostNL. De Raad stelt vast dat uit het door appellante overgelegde overzicht dus inderdaad blijkt dat de aangetekende zending op 3 juli 2021 net na middernacht door PostNL is gescand. De Raad maakt daaruit op dat het poststuk op 2 juli 2021 ter post moet zijn bezorgd en dus tijdig is ingediend. Dit betekent dat het verzet gegrond moet worden verklaard, de uitspraak van de Raad van 9 september 2021 vervalt en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
