ECLI:NL:CRVB:2022:489
Centrale Raad van Beroep · 28-02-2022 · zaaknummer 19/840 WWAJ
Inhoudsindicatie
Als uitgangspunt geldt dat de bestuursrechter het oordeel van een onafhankelijke, door hem ingeschakelde deskundige kan volgen, indien de door deze deskundige gebezigde motivering hem overtuigend voorkomt. Deze situatie doet zich hier voor. Hoewel het Uwv met juistheid opmerkt dat de conclusie van de deskundige in haar rapport van 16 augustus 2021 dat appellante maximaal twee uur per dag belastbaar is niet zo kenbaar naar voren komt in haar eerdere rapport van 6 augustus 2020, maakt dit het oordeel niet anders nu de deskundige op navolgbare wijze tot haar afgewogen conclusie is gekomen dat appellante over mogelijkheden beschikt om vaardigheden voor arbeidsparticipatie te ontwikkelen, waardoor geen sprake is van het duurzaam ontbreken van arbeidsmogelijkheden. Wat van de kant van appellante is aangevoerd geeft geen aanleiding af te wijken van het standpunt dat de conclusies van een onafhankelijke ingeschakelde deskundige kunnen worden gevolgd indien de door deze deskundige gebezigde motivering overtuigend voorkomt. Uit voorgaande overweging volgt dat er geen sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 1a:1, tweede lid, van de Wajong en dat het Uwv zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat appellante geen jonggehandicapte is. Het beroep tegen het bestreden besluit zal ongegrond worden verklaard.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
