ECLI:NL:CRVB:2022:369
Centrale Raad van Beroep · 22-02-2022 · zaaknummer 20/568 WAO
Inhoudsindicatie
Anticumulatie. Berekeningswijze voor het verrekenen van inkomen met een WAO-uitkering in de situatie dat een uitkeringsgerechtigde zowel inkomen heeft uit dienstbetrekking als inkomen uit niet in dienstbetrekking verrichte arbeid. De bepalingen geven niet een eenduidige berekeningswijze. Anders dan het Uwv betoogt, kan uit de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 10a van het SB en het tweede lid van artikel 44 van de WAO niet worden afgeleid dat de wetgever in een zodanige situatie heeft beoogd dat voor het gehele inkomen de periodeloonvergelijking moet worden toegepast. Geen wettelijke grondslag voor de in dit geval door het Uwv verrichte berekening van het (fictieve) arbeidsongeschiktheidspercentage met toepassing van de periodeloonvergelijking.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
