Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:CRVB:2022:266

Centrale Raad van Beroep · 28-01-2022 · zaaknummer 20/954 AOW

Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtGepubliceerd 08-02-2022
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Tussen partijen is allereerst in geschil of de Svb al dan niet terecht heeft vastgesteld dat op appellant over de periode in geding ingevolge artikel 11 van het Rijnvarendenverdrag de Nederlandse socialezekerheidswetgeving van toepassing is. De Raad sluit zich aan bij de beoordeling van de rechtbank hierover. De Raad is van oordeel dat noch in bezwaar, noch in beroep, noch in hoger beroep aannemelijk is geworden dat [X] te Luxemburg en niet [Naam B.V. 1] BV te [vestigingsplaats] is aan te merken als de exploitant van het schip waarop appellant in de periode in geding werkte als rijnvarende. Dit leidt tot de conclusie dat de Svb terecht heeft vastgesteld dat op appellant over de periode in geding ingevolge artikel 11 van het Rijnvarendenverdrag de Nederlandse socialezekerheidswetgeving van toepassing is. Vaste rechtspraak van de Raad. In deze situatie is niet gebleken van voldoende andere in aanmerking te nemen bijzondere omstandigheden op grond waarvan toch geconcludeerd moet worden dat de Svb niet in redelijkheid heeft kunnen komen tot weigering om mee te werken aan toepassing van artikel 13 van het Rijnvarendenverdrag. Het beroep van appellant is bij de aangevallen uitspraak terecht ongegrond verklaard.

Advocaten

Partijen

  • [appellant]

    appellant · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.