ECLI:NL:CRVB:2022:230
Centrale Raad van Beroep · 20-01-2022 · zaaknummer 20/3207 AW
Inhoudsindicatie
Ontslag. Tussen partijen is in geschil of voldaan is aan de voorwaarde dat het na zorgvuldig onderzoek niet mogelijk is gebleken appellant binnen de gemeentelijke dienst passende arbeid op te dragen. De Raad is met de rechtbank van oordeel dat het door het college uitgevoerde onderzoek niet onzorgvuldig of onvoldoende is geweest. Het voorgaande betekent dat er geen grond is voor de conclusie dat er voor appellant ten tijde van het ontslag reële herplaatsingsmogelijkheden waren. Overgang naar het [directie onderdeel]. Appellant heeft ook aangevoerd dat het college was gehouden om hem op 1 januari 2018 op grond van artikel 2.5 van het Sociaal Plan automatisch te laten overgaan naar een functie binnen het [directie onderdeel] . Dit betoog slaagt niet. De rechtbank is terecht tot het oordeel gekomen dat het college bevoegd was appellant te ontslaan en dat het college niet gehouden was om appellant te laten overgaan naar het [directie onderdeel]. Vakantie uren. Uit jurisprudentie van Hof van Justitie volgt dat er geen recht is op het onbeperkt cumuleren van jaarlijkse vakantie met behoud van loon wanneer de werknemer gedurende meerdere opeenvolgende jaren arbeidsongeschikt is en zijn jaarlijkse vakantie niet tijdens die periode kan opnemen. Het Hof van Justitie acht het aanvaardbaar als nationale bepalingen een overdrachtsperiode van 15 maanden hanteren bij het verstrijken waarvan het recht op de jaarlijkse vakantie vervalt. Appellant heeft de vakantie uren over de laatste 18 maanden van zijn dienstverband uitbetaald gekregen. Dit betekent dat de rechtbank terecht tot het oordeel is gekomen dat het verval van de resterende vakantieuren niet in strijd is met artikel 7 van de Richtlijn en dat het college niet gehouden was de resterende vakantie uren uit te betalen. Het beroep van appellant op bepalingen van de CAR-UWO leidt niet tot een ander oordeel. Uit de door appellant overgelegde stukken blijkt niet dat het college was gehouden deze toe te passen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
