ECLI:NL:CRVB:2022:2020
Centrale Raad van Beroep · 06-09-2022 · zaaknummer 21/4205 PW
Inhoudsindicatie
Bijstand terecht teruggevorderd in verband met naderhand verkregen vermogen in de vorm van een erfenis. Appellante heeft op 9 juni 2020 daarover de beschikking gekregen in de vorm van het geldbedrag van € 32.222,91. Op dat moment kon appellante dus feitelijk beschikken over het bedrag waarop zij vanaf het overlijden van haar moeder aanspraak had. Het college heeft het door appellante ontvangen bedrag terecht heeft beschouwd als naderhand verkregen middelen als bedoeld in artikel 58, tweede lid, aanhef en onder f, ten eerste, van de PW en was dus bevoegd om de aan appellante verleende bijstand terug te vorderen. Dat het voor appellante gunstiger zou zijn als de naderhand verkregen middelen zouden worden aangemerkt als actueel verkregen vermogen leidt niet tot een ander oordeel.
Rechters
Advocaten
- E.H. Buizert
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
