ECLI:NL:CRVB:2022:1982
Centrale Raad van Beroep · 14-09-2022 · zaaknummer 20/4069 ZW
Inhoudsindicatie
Tussen partijen is niet in geschil dat appellant in de periode van 1 mei 2019 tot en met 21 juli 2019 inkomsten uit arbeid heeft ontvangen. De rechtbank heeft overwogen dat appellant zijn stelling dat hij in maart 2019 reeds inlichtingen heeft verstrekt over zijn dienstverband per 1 mei 2019 bij [naam bedrijf] niet onderbouwd heeft. De rechtbank heeft terecht overwogen dat appellant de op hem rustende informatieplicht heeft geschonden door te laat en onjuiste informatie aan het Uwv te verstrekken. Het Uwv was gehouden appellant een boete op te leggen. Appellant heeft zijn standpunt dat hem geen verwijt kan worden gemaakt van deze schending niet verder onderbouwd. Verminderde verwijtbaarheid aangenomen.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
