ECLI:NL:CRVB:2022:1789
Centrale Raad van Beroep · 02-08-2022 · zaaknummer 20/1752 PW
Inhoudsindicatie
Intrekking en terugvordering van bijstand en boete. Woonplaats. Het college heeft met de verklaringen van appellante en de overige in de uitspraak beschreven feiten en omstandigheden aannemelijk gemaakt dat appellante in de te beoordelen periode niet haar hoofdverblijf in de gemeente Rotterdam had. Het college heeft terecht geconcludeerd dat appellante in de te beoordelen periode heeft gewerkt in België. Dit versterkt de betekenis van haar inschrijving in het Belgisch Rijksregister voor de beantwoording van de vraag waar zij haar hoofdverblijf had.
Advocaten
- J.J.E. Stout
- S.B.H. Fijneman
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
