ECLI:NL:CRVB:2022:172
Centrale Raad van Beroep · 13-01-2022 · zaaknummer 20/1832 WAO
Inhoudsindicatie
Appellant heeft het hoger beroep ingetrokken omdat het Uwv met de gewijzigde beslissing op bezwaar van 23 maart 2021 geheel aan de bezwaren is tegemoetgekomen. Bij de intrekking heeft appellant verzocht de proceskosten in beroep en hoger beroep te vergoeden. De reiskosten die appellant heeft moeten maken voor het bijwonen van de zitting bij de rechtbank, komen tot een bedrag van € 27,20 voor vergoeding in aanmerking. Met betrekking tot de op het formulier proceskosten op gevoerde kosten voor verschotten overweegt de Raad dat de kosten niet nader zijn onderbouwd zodat deze kosten niet voor vergoeding in aanmerking komen. Voor vergoeding van het betaalde griffierecht kan appellant zich rechtstreeks tot het Uwv wenden.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
