ECLI:NL:CRVB:2022:1393
Centrale Raad van Beroep · 16-05-2022 · zaaknummer 20/3386 WIA
Inhoudsindicatie
De mate van arbeidsongeschiktheid van appellante in de zin van de Wet WIA met ingang van 30 januari 2019 is door Uwv terecht vastgesteld op minder dan 35% en terecht is geweigerd om aan appellante met ingang van deze datum een WIA-uitkering toe te kennen. Geen toegevoegde waarde apart spreekuurcontact. Met de rechtbank wordt geoordeeld dat geen aanleiding bestaat om te twijfelen aan de juistheid van het bestreden besluit. In hoger beroep geen onderbouwing met nieuwe medische gegevens. Pas in hoger beroep toereikende arbeidskundige motivering. Toepassing van artikel 6:22 van de Awb en dit vormt aanleiding om het Uwv te veroordelen in de proceskosten die appellante in beroep en hoger beroep heeft moeten maken.
Advocaten
- H.A.T. Vijftigschild
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
