Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:CRVB:2022:130

Centrale Raad van Beroep · 12-01-2022 · zaaknummer 19/3608 WAO

Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtGepubliceerd 21-01-2022
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

19/3609 WAJONG. De beoordeling van de aanspraken van appellant dient plaats te vinden aan de hand van het bepaalde in de AAW. De rechtbank heeft op goede gronden geoordeeld dat het medisch onderzoek voldoende zorgvuldig en volledig is geweest. Ook wordt het oordeel van de rechtbank gevolgd dat er geen aanleiding bestaat voor twijfel aan de medische conclusies van de verzekeringsartsen (bezwaar en beroep) over de belastbaarheid van appellant ten tijde van de 17/18-jarige leeftijd. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij op 17/18-jarige leeftijd voldeed aan de gestelde voorwaarden van de AAW. De overwegingen die aan het oordeel van de rechtbank ten grondslag liggen worden onderschreven. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft in zijn rapport van 17 april 2018 gemotiveerd dat er geen redenen zijn de eerste arbeidsongeschiktheidsdag verder terug te leggen dan 1 december 1997. Appellant heeft ook in hoger beroep geen medische gegevens overgelegd over zijn belastbaarheid en beperkingen op 17/18-jarige leeftijd. Het bewijsrisico daarvoor ligt bij een laattijdige aanvraag als deze, zoals de rechtbank terecht heeft overwogen, bij appellant. De overwegingen leiden tot de conclusie dat het hoger beroep, voor zover dit ziet op de Wajong-beslissing, niet slaagt en de aangevallen uitspraak in zoverre moet worden bevestigd. 19/3608 WAO. De rechtbank en het Uwv worden niet gevolgd in het standpunt dat de ingangsdatum van 21 november 2006 van de WAO-uitkering, zoals neergelegd in het besluit op bezwaar van 7 oktober 2008, niet meer ter beoordeling staat omdat tegen dat besluit geen beroep is ingesteld. In geschil is of sprake is van een bijzonder geval, waardoor de WAO-uitkering eerder zou moeten ingaan dan op 21 november 2006. Appellant wordt niet gevolgd in zijn betoog dat op grond van de onder 3.1.3 weergegeven omstandigheden sprake is van een bijzonder geval. Gelet op wat hiervoor is overwogen heeft het Uwv de ingangsdatum van de WAO-uitkering terecht vastgesteld op 21 november 2006. Dit betekent dat de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten, met verbetering van gronden moet worden bevestigd. Verzoek om schadevergoeding. De redelijke termijn is met ruim vier maanden overschreden. De redelijke termijn is zowel in de bestuurlijke als in de rechterlijke fase geschonden. Voor de berekening van het bedrag aan schadevergoeding dat voor rekening komt van het Uwv onderscheidenlijk van de Staat, wordt de methode gevolgd die is uiteengezet in het arrest van de Hoge Raad van 19 februari 2016 (ECLI:NL:HR:2016:252). Proceskosten. In verband met het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn bestaat er aanleiding om het Uwv en de Staat elk voor de helft te veroordelen in de proceskosten van appellant voor verleende rechtsbijstand in verband met het verzoek om schadevergoeding wegens schending van de redelijke termijn.

Rechters

Partijen

  • [appellant]

    appellant · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.