ECLI:NL:CRVB:2022:129
Centrale Raad van Beroep · 10-01-2022 · zaaknummer 21/1552 WIA
Inhoudsindicatie
Wat appellant in hoger beroep heeft aangevoerd is in wezen een herhaling van wat hij in bezwaar en beroep naar voren heeft gebracht. De rechtbank heeft de beroepsgronden van appellant afdoende besproken en met juistheid geoordeeld dat deze gronden niet slagen. Het oordeel van de rechtbank en de daaraan ten grondslag gelegde overwegingen, zoals weergegeven in rechtsoverweging 11 en 12 van de aangevallen uitspraak, worden geheel onderschreven. Er zijn geen aanknopingspunten voor het standpunt van appellant dat zijn reumatische klachten voortkomen uit dezelfde oorzaak als de beperkingen die zijn vastgesteld bij de WIA-beoordelingen in 2014 en 2016. Er bestaat geen aanleiding om het standpunt van de verzekeringsarts bezwaar en beroep voor onjuist te achten. Uit niets is op te maken dat er sprake is van een ziektebeeld wat bedlegerigheid tot gevolg zou hebben. Er is tevens geen sprake van structureel verminderde beschikbaarheid voor arbeid wegens het moeten ondergaan van een medisch voorgeschreven behandeling. Ook vanuit preventief oogpunt is er volgens de verzekeringsarts bezwaar en beroep geen noodzaak voor het aannemen van een urenbeperking. Er bestaat geen aanleiding om dit inzichtelijk gemotiveerde standpunt van de verzekeringsarts bezwaar en beroep voor onjuist te achten. De door appellant ter zitting gegeven nadere toelichting op zijn beroepsgronden bevat geen aanknopingspunten om tot een ander oordeel te komen over zijn belastbaarheid. Uitgaande van de juistheid van de FML van 9 januari 2020 wordt de rechtbank dan ook gevolgd in haar oordeel dat het Uwv voldoende heeft gemotiveerd dat de aan de berekening van het arbeidsongeschiktheidspercentage ten grondslag gelegde functies in medisch opzicht voor appellant geschikt zijn. De overwegingen leiden tot de conclusie dat het hoger beroep niet slaagt en de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten, moet worden bevestigd. Bij deze uitkomst is er geen aanleiding het Uwv te veroordelen tot schadevergoeding.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
