ECLI:NL:CRVB:2022:1217
Centrale Raad van Beroep · 30-05-2022 · zaaknummer 18/2397 ZW
Inhoudsindicatie
Recht op loondoorbetaling bij ziekte. Arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd waarbij arbeidsprestatie in de winter is opgeschort. De Raad stelt vast dat tussen appellante en het museum per 29 oktober 2007 sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd waarbij de verplichting om een arbeidsprestatie te leveren gedurende het winterseizoen wordt opgeschort. Niet gebleken is van een rechtsgeldige beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Daarom was artikel 7:629 van het BW vanaf de eerste dag van het winterseizoen van toepassing. Het Uwv heeft dan ook terecht ziekengeld geweigerd op grond van het bepaalde in artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a, van de ZW. Dat in de arbeidsovereenkomst tussen appellante en het museum de loondoorbetalingsplicht in het winterseizoen is uitgesloten leidt niet tot een ander oordeel, aangezien dat beding geen betrekking kan hebben op artikel 7:629 van het BW. In het negende lid van artikel 7:629 is immers bepaald dat niet ten nadele van de werknemer van dit artikel kan worden afgeweken, behoudens de mogelijkheid twee wachtdagen overeen te komen.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
