ECLI:NL:CRVB:2022:1156
Centrale Raad van Beroep · 25-05-2022 · zaaknummer 21/2695 WW
Inhoudsindicatie
Aanvraag om herleving van WW-uitkering in aansluiting op WAZO-uitkering ten onrechte afgewezen. De verstrekte informatie is vervat in een aan appellante gericht besluit dat naar zijn bewoordingen is toegespitst op haar individuele situatie. Het Uwv heeft die informatie aan appellante verstrekt terwijl het Uwv ermee bekend was dat appellante op 13 januari 2020, het moment waarop zij zich ziek meldde in verband met aan haar zwangerschap gerelateerde klachten, binnen dertien weken de maximum uitkeringsduur van haar WW-uitkering zou bereiken, zodat artikel 43, derde lid, van de WW aan herleving van de WW-uitkering in de weg zou staan. Niet ter discussie staat dat de toezegging is toe te rekenen aan het Uwv. Het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt. Het Uwv is daarom gehouden om aan de gerechtvaardigde verwachting van appellante te voldoen door haar WW-uitkering per 10 juli 2020 te laten herleven.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
