ECLI:NL:CRVB:2022:1139
Centrale Raad van Beroep · 19-05-2022 · zaaknummer 19/2973 WW
Inhoudsindicatie
De vorderingen zijn niet verjaard. Gebleken is dat de verjaring van de vorderingen is gestuit. Het Uwv heeft toegelicht dat vanaf 2007 invorderingsafspraken zijn gemaakt met appellant. Uit een overzicht bij een brief van het Uwv aan appellant van 21 maart 2018 blijkt dat appellant in 2007, 2008 en 2009 diverse keren bedragen heeft betaald ter aflossing van de vorderingen. Verder heeft in 2011 verrekening plaatsgevonden met een WW-uitkering en is appellant bij brief van 9 oktober 2013 opnieuw aangemaand tot betaling. Ten slotte bevat het dossier aanmaningsbrieven van 24 februari 2015, 27 juli 2016 en 23 november 2016.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
