ECLI:NL:CRVB:2022:1015
Centrale Raad van Beroep · 02-05-2022 · zaaknummer 21/3040 ZW
Inhoudsindicatie
Wat appellante in hoger beroep heeft aangevoerd is een herhaling van wat zij in beroep heeft aangevoerd. De rechtbank heeft de beroepsgronden van appellante afdoende besproken en met juistheid geoordeeld dat de desbetreffende gronden niet slagen. Het oordeel van de rechtbank en de daaraan ten grondslag gelegde overwegingen worden geheel onderschreven. Voor wat betreft de verzochte urenbeperking wordt verwezen naar de rapporten van de verzekeringsarts bezwaar en beroep van 9 september 2020 en 12 januari 2021. Nu appellante in hoger beroep geen nadere (medische) gegevens heeft overgelegd die haar standpunt ondersteunen dat haar beperkingen zijn onderschat, bestaat er evenals de rechtbank geen aanleiding om het oordeel van de verzekeringsarts bezwaar en beroep voor onjuist te houden. De rechtbank wordt ook gevolgd in haar oordeel dat het Uwv met de rapporten van de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep voldoende heeft gemotiveerd dat de aan de EZWb ten grondslag gelegde functies in medisch opzicht geschikt zijn voor appellante. De overwegingen leiden tot de conclusie dat het hoger beroep niet slaagt en de aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
