ECLI:NL:CRVB:2021:775
Centrale Raad van Beroep · 26-03-2021 · zaaknummer 21/1045 ZW-VV-PV
Inhoudsindicatie
De voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. De voorzieningenrechter is in navolging van de rechtbank van oordeel dat vooralsnog niet kan worden geconcludeerd dat het medisch onderzoek onzorgvuldig is. De voorzieningenrechter ziet vooralsnog ook geen aanleiding om aan te nemen dat de medische beoordeling van het Uwv onjuist is. Vooralsnog kan dan ook niet worden geconcludeerd dat verzoekster op de datum in geding meer beperkt was dan door het Uwv is aangenomen. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter is de beëindiging van de ZW-uitkering met ingang van 2 november 2020 op goede gronden gebaseerd. De aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten, zal naar verwachting in de bodemprocedure in stand kunnen blijven. Onder deze omstandigheden bestaat geen aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening.
Rechters
Advocaten
- I. Smit
- S. van de Griek
Partijen
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
