Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:CRVB:2021:496

Centrale Raad van Beroep · 02-03-2021 · zaaknummer 18/5580 PW

Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtGepubliceerd 09-03-2021
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Intrekking en terugvordering. Onroerend goed in het buitenland en schenking daarvan. Contant geld. Opdracht tot nemen van nieuwe besluit. Het feit dat appellant in periode 1 juridisch eigenaar was van het onroerend goed brengt met zich dat hij ook over het onroerend goed kon beschikken. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij niet van zijn juridisch eigendom gebruik kon maken. Gelet op de schenking van het onroerend goed aan zijn vader kon appellant in periode 2 niet meer over het onroerend goed beschikken en behoorde dit niet langer tot zijn vermogen. Nu appellant het onroerend goed om niet heeft overgedragen aan zijn vader, staat het onroerend goed in zoverre niet langer in de weg aan bijstandverlening. Dat onduidelijkheid is blijven bestaan over de middelen waarmee het onroerend goed destijds is bekostigd, betekent niet dat het recht op bijstand in periode 2 niet kan worden vastgesteld. Er zijn geen concrete aanwijzingen voorhanden dat appellant over onbekende bron van inkomsten zou beschikken die een beletsel voor (de vaststelling van) het recht op bijstand zouden kunnen vormen. Het recht op bijstand in periode 2 is mogelijk wel vast te stellen, bijvoorbeeld aan de hand van de nog op te vragen bankafschriften over deze periode. Voorts is appellant in periode 3 aangetroffen met een contant geldbedrag. Dit gegeven is onvoldoende om te kunnen stellen dat het recht op bijstand over de gehele periode 3 niet kan worden vastgesteld. Echter, nu appellanten niet met verifieerbare bewijsstukken aannemelijk hebben gemaakt hoe appellant aan dit geld komt, moet dit bedrag als inkomen worden aangemerkt dat aan de desbetreffende maand moet worden toegerekend, zodat appellanten in die maand geen recht op bijstand hadden. Voor intrekking van bijstand over andere maanden van periode 3 bestaat onvoldoende feitelijke grondslag.

Advocaten

Partijen

  • [appellant]

    appellant · onbekend

  • [appellante]

    appellante · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.