ECLI:NL:CRVB:2021:447
Centrale Raad van Beroep · 23-02-2021 · zaaknummer 19/2595 PW
Inhoudsindicatie
Afwijzing aanvraag. Bijzondere bijstand kosten woninginrichting. Verhuizing niet noodzakelijk. Onjuiste toepassing 6:22 Awb door de rechtbank. De Raad neemt in hoger beroep als vaststaand aan dat de verhuizing van appellant niet noodzakelijk is, omdat appellant zich in hoger beroep niet tegen dit oordeel van de rechtbank heeft verzet. Nu geen sprake is van een noodzakelijke verhuizing, heeft het dagelijks bestuur met juistheid geconcludeerd dat de kosten van woninginrichting voor appellant niet noodzakelijk zijn. Aan het bestreden besluit kleeft derhalve geen gebrek. Dit betekent dat de rechtbank ten onrechte artikel 6:22 van de Awb heeft toegepast en ten onrechte een kostenveroordeling ten laste van het dagelijks bestuur heeft uitgesproken.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
