ECLI:NL:CRVB:2021:352
Centrale Raad van Beroep · 17-02-2021 · zaaknummer 19/4665 WIA
Inhoudsindicatie
De rechtbank heeft met juistheid overwogen dat het medisch onderzoek voldoende zorgvuldig is geweest. Er is geen reden om aan te nemen dat appellante belemmeringen heeft ondervonden bij de onderbouwing van haar standpunt dat het Uwv haar beperkingen heeft onderschat. Wat appellante in hoger beroep heeft aangevoerd vormt geen aanleiding anders te oordelen dan de rechtbank heeft gedaan. De in hoger beroep overgelegde stukken zien op de uitval van appellante op 23 april 2020 na hervatting in werk als servicemedewerkster bij een tankstation. Deze stukken leiden niet tot twijfel aan de juistheid van de medische beoordeling van de verzekeringsarts bezwaar en beroep ten aanzien van de datum in geding, ook omdat niet is gebleken dat het werk waarvoor zij in april 2020 is uitgevallen geschikt was voor haar gelet op de vastgestelde beperkingen. Uitgaande van de juistheid van de medische grondslag van het bestreden besluit, wordt ook het oordeel van de rechtbank dat het Uwv voldoende heeft gemotiveerd dat de aan de berekening van het arbeidsongeschiktheidspercentage ten grondslag gelegde functies in medisch opzicht voor appellante geschikt zijn, onderschreven. Het hoger beroep slaagt niet. De aangevallen uitspraak zal worden bevestigd.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
