ECLI:NL:CRVB:2021:2839
Centrale Raad van Beroep · 16-11-2021 · zaaknummer 20/795 PW
Inhoudsindicatie
Intrekking en terugvordering van bijstand. Op geld waardeerbare werkzaamheden in shoarmazaak van zoon. De verklaringen van appellant, in samenhang met de verrichte waarnemingen, bieden voldoende grondslag voor het standpunt van het college dat appellant op geld waardeerbare werkzaamheden heeft verricht in de shoarmazaak van zijn zoon. Dat volgens appellant slechts sprake is van hulp aan een familielid en dat geen sprake is van een gezagsverhouding doet hier niet aan af. Daarnaast is er geen aanleiding te twijfelen aan de verslaglegging van de verklaring van appellant. Het college heeft zich op goede gronden op het standpunt gesteld dat het recht op bijstand niet was vast te stellen.
Rechters
Advocaten
- G. Kaya
- R. van Heugten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
