ECLI:NL:CRVB:2021:2837
Centrale Raad van Beroep · 16-11-2021 · zaaknummer 20/1380 PW
Inhoudsindicatie
Ten onrechte intrekking van bijstand vanwege een gezamenlijke huishouding. Geen wederzijdse zorg. De onderzoeksbevindingen bieden geen toereikende grondslag voor de conclusie dat de zorg die appellant aan de vriendin verleende van zodanige omvang en gewicht was dat het wederzijdse zorg was. Uit wat appellant toen heeft verklaard komt niet naar voren dat hij zorg van enige omvang en gewicht verleende aan de vriendin. Hij heeft verklaard dat hij wel eens de was voor haar doet, dat hij wel eens boodschappen of sigaretten voor haar haalt en dat hij niet alles achter zich laat slingeren in het huis en dus wel eens schoonmaakt. Hieruit wordt niet duidelijk wat de omvang van deze zorgactiviteiten was.
Rechters
Advocaten
- A. de Raad
- B.J. Manspeaker
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
