ECLI:NL:CRVB:2021:2806
Centrale Raad van Beroep · 11-11-2021 · zaaknummer 19/2349 ZW
Inhoudsindicatie
De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat het medisch onderzoek zorgvuldig is geweest en dat er geen reden is om te twijfelen aan de daaruit getrokken conclusie dat appellante onveranderd geschikt is voor ten minste één van de in het kader van de EZWb geduide functies. De rechtbank wordt gevolgd in haar oordeel dat deugdelijk is gemotiveerd dat ten minste één van die functies voor appellante geschikt is. De rapporten van Van der Veer maken het bovenstaande niet anders. Zoals ook uit de uitspraak van de rechtbank naar voren komt en door de verzekeringsarts bezwaar en beroep in het rapport van 16 maart 2020 terecht is benadrukt, is in deze zaak slechts van belang of appellante op 19 maart 2018 in staat was ten minste één van de in het kader van de EZWb geselecteerde functies te vervullen. De overwegingen leiden tot de conclusie dat het hoger beroep niet slaagt en de aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
