ECLI:NL:CRVB:2021:2287
Centrale Raad van Beroep · 07-09-2021 · zaaknummer 19/2072 PW
Inhoudsindicatie
Boete. Gezamenlijke huishouding. Het college heeft de boete opgelegd voor het niet melden van een gezamenlijke huishouding met X over de periode van april 2015 tot en met februari 2017. Het college heeft niet aangetoond dat X tot november 2016 zijn hoofdverblijf op het uitkeringsadres had. Geen bepalende betekenis kan worden gehecht aan de verbruiksgegevens van water, elektra en gas. De verklaringen van de buurtbewoners zitten niet op één lijn. Het college heeft wel aangetoond dat appellante van november 2016 tot en met februari 2017 een gezamenlijke huishouding voerde met X. Omdat het college is uitgegaan van normale verwijtbaarheid en van een fictieve draagkracht van appellante heeft het lagere benadelingsbedrag echter geen gevolgen voor de hoogte van de opgelegde boete.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
