ECLI:NL:CRVB:2021:2250
Centrale Raad van Beroep · 02-09-2021 · zaaknummer 18/5270 WIA
Inhoudsindicatie
Na tussenuitspraak. Met de rapporten van 10 november 2020 en 18 februari 2021 heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep voldoende overtuigend gemotiveerd dat ook in de periode vanaf 1 juni 2015 tot 13 juni 2016 geen sprake was van toegenomen arbeidsongeschiktheid ten opzichte van de medische situatie van appellante op 15 augustus 2011. Onder verwijzing naar een rapport van de verzekeringsarts bezwaar en beroep van 18 februari 2021, waarin de verzekeringsarts bezwaar en beroep nogmaals gemotiveerd uiteen heeft gezet dat de buikklachten in 2015 en 2016 voortkomen uit een andere ziekteoorzaak, valt uit deze brief niet af te leiden dat de tussenuitspraak berust op een evident onjuiste feitelijke grondslag. Ook ten aanzien van de psychische klachten heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep deugdelijk en inzichtelijk gemotiveerd dat in genoemde periode niet is gebleken van toegenomen beperkingen. Verder heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep voldoende gemotiveerd dat de beperkingen als gevolg van de reflux/maagklachten bij een hernia diafragmatica en de rug/heup-/been- en schouderklachten in de periode in geding niet zijn toegenomen ten opzichte van de FML van 20 januari 2012. Tot slot heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep opgemerkt dat de schildklierklachten ten tijde van de einde wachttijd beoordeling in 2011 niet tot beperkingen hebben geleid. Uit de overwegingen volgt dat het Uwv het in de tussenuitspraak vastgestelde gebrek heeft hersteld. Omdat het Uwv het bestreden besluit pas in hoger beroep van een toereikende medische grondslag heeft voorzien, zal de aangevallen uitspraak worden vernietigd, het beroep gegrond worden verklaard en het bestreden besluit worden vernietigd wegens strijd met de artikelen 3:2 en 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit worden in stand gelaten. Er bestaat aanleiding het Uwv te veroordelen in de proceskosten van appellante in beroep en hoger beroep.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
