ECLI:NL:CRVB:2021:205
Centrale Raad van Beroep · 28-01-2021 · zaaknummer 20/211 AW
Inhoudsindicatie
1) Beoordeling. In de bestreden beoordelingen is met voldoende concrete voorbeelden aangegeven waarom appellante op de onderdelen kennis, zelfstandigheid, contacten en kwantiteit een onvoldoende heeft gescoord. 2) Het college was bevoegd appellante ontslag te verlenen wegens ongeschiktheid anders dan wegens ziekte of gebreken. Niet valt in te zien dat het college niet in redelijkheid van die ontslagbevoegdheid gebruik heeft kunnen maken. 3) Na-wettelijke uitkering terecht geweigerd. Het college heeft zich op goede gronden op het standpunt gesteld dat het ontslag van appellante niet is gelegen in omstandigheden binnen de werksfeer als bedoeld in artikel 10d:30, tweede lid, van de AGN. De rechtbank heeft met juistheid overwogen dat het college daarom heeft mogen besluiten geen na-wettelijke uitkering toe te kennen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
