ECLI:NL:CRVB:2021:1637
Centrale Raad van Beroep · 30-06-2021 · zaaknummer 18/4859 WIA
Inhoudsindicatie
Het hoger beroep is beperkt tot de vraag of het Uwv zich in het besluit van 22 december 2020 terecht op het standpunt heeft gesteld dat hij na verrekening niets meer is verschuldigd aan appellant. Deze vraag wordt bevestigend beantwoord. Het hoger beroep slaagt niet. Uitgaande van een termijn van in totaal vier jaar en vier maanden, is sprake van een overschrijding van de redelijke termijn van meer dan zes maanden en minder dan een jaar op. De overschrijding van de redelijke termijn heeft plaatsgevonden in de fase bij de bestuursrechter.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
