ECLI:NL:CRVB:2021:1208
Centrale Raad van Beroep · 25-05-2021 · zaaknummer 19/1250 PW
Inhoudsindicatie
Intrekking en terugvordering bijstand. Sprake van consumptief gebruik van auto’s en niet van autohandel. Recht wel vast te stellen. Afgezien van de periode van juni 2017 tot en met juli 2017, waarin twee auto’s op naam van betrokkene stonden geregistreerd, stond telkens één auto op naam van betrokkene geregistreerd, waarbij alle registraties naadloos op elkaar aansloten. Al die auto’s waren afkomstig van en werden ingenomen door hetzelfde autobedrijf. Verder blijkt uit de door betrokkene overgelegde gegevens dat zij telkens een verzekering afsloot voor één auto. De gedingstukken bevatten verder geen enkele aanwijzing dat betrokkene auto’s opknapte of liet opknappen om die vervolgens met winst aan het bevriende autobedrijf te verkopen of om te wisselen voor een duurdere auto. Daarbij is bovendien van belang dat niet in geschil is dat geen van de in aanmerking genomen auto’s een zodanige waarde vertegenwoordigde dat de eigendom ervan leidde tot een overschrijding van de voor betrokkene geldende grens van het vrij te laten vermogen. Gezien de korte duur en het eenmalige karakter van de overlappende registraties acht de Raad daarnaast aannemelijk dat ook met de betreffende auto niet is gehandeld door betrokkene.
Advocaten
- C.A. den Ottelander
- D. Frijters
- M.H. Steenbergen
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
