ECLI:NL:CRVB:2021:111
Centrale Raad van Beroep · 19-01-2021 · zaaknummer 20/796 PW
Inhoudsindicatie
Herziening en terugvordering. Stortingen en bijschrijvingen. Inkomen. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat de stortingen en bijschrijvingen op zijn bankrekeningen uitsluitend bedoeld waren om voor derden cryptomunten te kopen en hij om die reden niet vrijelijk over de gelden kon beschikken. Het college heeft terecht deze bedragen als inkomen in de zin van artikel 32, eerste lid, van de PW aangemerkt. Dat, zoals appellant heeft aangevoerd, de wetgever daarbij niet expliciet uit kasstortingen en bijschrijvingen verkregen gelden heeft genoemd als inkomensbronnen, doet er niet aan af dat deze stortingen en bijschrijvingen in beginsel naar hun aard als inkomen kunnen worden aangemerkt, indien zij een periodiek karakter hebben, appellant daarover vrij kan beschikken en daarmee dus kan voorzien in zijn algemeen noodzakelijke kosten en de stortingen en bijschrijvingen plaatsvinden in een periode dat de betrokkene bijstand ontvangt.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
