ECLI:NL:CRVB:2020:966
Centrale Raad van Beroep · 16-04-2020 · zaaknummer 19/2458 AW
Inhoudsindicatie
Nu de verzekeringsarts in haar rapport van 28 december 2017 heeft geconcludeerd dat het knieletsel van appellant niet uitsluitend en alleen het gevolg is van het ongeval in 2011 en bovendien niet wezenlijk anders is geworden dan het door het ongeval in 2008 al ontstane knieletsel, appellant geen medische stukken heeft ingebracht waaruit het tegendeel blijkt en er ook anderszins geen aanleiding is om niet uit te gaan van de juistheid van de conclusie van de verzekeringsarts, is bij appellant geen sprake van toegenomen invaliditeit. De korpschef hoefde daarom niet over te gaan tot de vaststelling van een uitkeringspercentage als bedoeld in artikel 3 en 5 van de Regeling smartengeld dienstongevallen politie.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
