ECLI:NL:CRVB:2020:869
Centrale Raad van Beroep · 02-04-2020 · zaaknummer 19/3088 AW
Inhoudsindicatie
Ontslagregeling. Nu de einddatum van [datum in] 2017 hierin uitdrukkelijk is genoemd, kan die datum worden geacht deel uit te maken van de gemaakte afspraken. De Raad is met de rechtbank van oordeel dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat het uitdrukkelijk de bedoeling van partijen is geweest om aan te sluiten bij eventuele toekomstige veranderingen in de AOW-gerechtigde leeftijd. De enkele omstandigheid dat de datum van [datum in] 2017 samenhangt met de AOW-gerechtigde leeftijd zoals die gold ten tijde van het sluiten van de overeenkomst, is daarvoor onvoldoende. Zoals ook de rechtbank met juistheid heeft overwogen, is er ook geen reden om de verhoging van de AOW-leeftijd aan te merken als een bijzondere omstandigheid, die tot gewijzigde uitvoering van de vaststellingsovereenkomst zou moeten leiden. Nu niets erop wijst dat partijen bij het tot stand brengen van de vaststellingsovereenkomst beoogd hebben ruimte te laten voor een gewijzigde uitvoering op het punt van de einddatum, heeft de minister daaraan mogen vasthouden. Van een wilsgebrek is geen sprake geweest.
Rechters
Advocaten
- W. van der Meer de Walcheren
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
