ECLI:NL:CRVB:2020:453
Centrale Raad van Beroep · 26-02-2020 · zaaknummer 18/4000 WSF
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 24 december 2016 heeft de minister de toegekende studiefinanciering met ingang van 1 oktober 2014 herzien, in die zin dat appellante vanaf die datum als thuiswonende studerende is aangemerkt. Daarbij is een bedrag van € 5.538,03 van haar teruggevorderd. De rechtbank heeft wat is aangevoerd in de aangevallen uitspraak besproken en gemotiveerd waarom de in hoger beroep herhaalde gronden niet leiden tot vernietiging van het bestreden besluit. De Raad onderschrijft in hoofdlijnen de overwegingen die tot het oordeel in de aangevallen uitspraak hebben geleid. De feitelijke onjuistheden in de rapportage waarop appellante heeft gewezen, leiden niet tot een ander oordeel.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
