ECLI:NL:CRVB:2020:3518
Centrale Raad van Beroep · 24-12-2020 · zaaknummer 19/573 AW
Inhoudsindicatie
Straf van onvoorwaardelijk ontslag terecht. Integriteitsschendingen. Plichtsverzuim bestaande uit het onder valse voorwendselen aannemen van zeer grote geldbedragen van collega’s en het ondanks herhaaldelijk verzoek niet terugbetalen van deze geldbedragen van collega’s. Appellant heeft ook in hoger beroep volstrekt geen openheid gegeven over de vermeende belegging(en) waar het geld van de betrokken collega’s beweerdelijk in geïnvesteerd zou zijn. Appellant ’s bewering dat hij het geld aan een neef in Suriname heeft gegeven en dat die die neef appellant zou hebben geïnstrueerd hoe hij de zaken zou moeten voorspiegelen aan de betrokken collega’s teneinde hen over te halen tot het overhandigen van geld, bijvoorbeeld door het opvoeren van een –overigens niet bestaande- notaris/advocaat in Amsterdam, is onvoldoende concreet en verifieerbaar en daarmee ongeloofwaardig. Dat appellant daarbij ook eigen vermogen zou hebben verloren, wat daar van zij, is evenmin aannemelijk geworden.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
