ECLI:NL:CRVB:2020:3444
Centrale Raad van Beroep · 30-12-2020 · zaaknummer 19/264 WIA
Inhoudsindicatie
Het oordeel van de rechtbank dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek op zorgvuldige wijze, volledig en ook overigens conform de eisen die aan een dergelijk onderzoek worden gesteld, heeft plaatsgevonden wordt onderschreven. Het oordeel van de rechtbank dat er geen reden is om aan te nemen dat de mogelijkheden en beperkingen van appellante per 26 juli 2017 op onjuiste wijze in de FML zijn neergelegd en dat per 15 april 2018 geen sprake was van toegenomen beperkingen als gevolg van dezelfde ziekteoorzaak, alsmede de daaraan ten grondslag liggende overwegingen, worden eveneens onderschreven. Tussen partijen is niet in geschil dat de luchtwegklachten zijn ontstaan ná 26 juli 2017 en uit een andere ziekteoorzaak zijn, zodat deze op goede gronden evenmin per 15 april 2018 in de beoordeling zijn betrokken. Met de genoemde psychische en lichamelijke klachten van appellante is in voldoende mate rekening gehouden in de FML. Daarbij is van belang dat dezelfde diagnoses gehanteerd worden en dat in de FML op verschillende onderdelen rekening is gehouden met de beperkte psychische en fysieke belastbaarheid van appellante. Ook wordt de rechtbank gevolgd in haar oordeel dat het Uwv voldoende heeft gemotiveerd dat de aan de berekening van het arbeidsongeschiktheidspercentage ten grondslag gelegde functies in medisch opzicht voor appellante geschikt zijn.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
