ECLI:NL:CRVB:2020:2983
Centrale Raad van Beroep · 26-11-2020 · zaaknummer 18/4101 WIA
Inhoudsindicatie
Met de rechtbank wordt geoordeeld dat terecht is vastgesteld dat bij appellante op de datum in geding geen sprake was van een situatie van geen benutbare mogelijkheden en dat er geen reden is om te twijfelen aan de juistheid van de FML van 26 juni 2017. De overwegingen van de rechtbank die tot dit oordeel hebben geleid, worden onderschreven. Het enkele feit dat de uitkomst van de beoordeling afwijkt van eerdere beoordelingen door het Uwv, is op zichzelf geen reden om aan de juistheid daarvan te twijfelen. Onder verwijzing naar de rapporten van Wijers heeft appellante aangevoerd dat met de vastgestelde beperkingen in het persoonlijk- en sociaal functioneren onvoldoende tegemoet is gekomen aan de ernst van de psychische problematiek. Dit standpunt wordt niet gevolgd. De stelling van Wijers dat sprake is van een wisselende zeer geringe belastbaarheid, vindt geen steun in de in het dossier aanwezige medische informatie. De rapporten van Wijers geven geen aanleiding om te twijfelen aan de conclusies van de verzekeringsarts bezwaar en beroep en de juistheid van de medische beoordeling. Het standpunt van appellante dat haar fysieke belastbaarheid is overschat, is ook in hoger beroep niet onderbouwd met medische stukken. Er is geen aanleiding om een deskundige in te schakelen. Ook het oordeel van de rechtbank over de arbeidskundige beoordeling wordt onderschreven.
Rechters
Advocaten
- P.P.J.L. Appelman
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
