ECLI:NL:CRVB:2020:2953
Centrale Raad van Beroep · 17-11-2020 · zaaknummer 18/2606 PW
Inhoudsindicatie
Eerste aanvraag terecht afgewezen op de grond dat appellant onvoldoende duidelijkheid heeft verstrekt over zijn financiële situatie, gelet op de op zijn naam geregistreerde auto’s. Naar aanleiding van tweede aanvraag is appellant bijstand verleend waarbij rekening is gehouden met de bijschrijvingen van X op zijn bankrekening in de periode waarin appellant geen inkomen had. Met de bijschrijving onder de vermelding ‘lening’ of ‘lenen’ heeft appellant aannemelijk gemaakt van wie, wanneer, op welke wijze en tot welk bedrag hij die lening heeft ontvangen. Een betrokkene kan ook op andere wijze, dan alleen met de bij de bijschrijving vermelde “lening voor levensonderhoud”, aannemelijk maken dat het een lening voor levensonderhoud betreft. Met de (achteraf opgestelde) verklaring van X heeft appellant dit aannemelijk gemaakt. Voor de bijschrijving van X op 9 oktober 2017 onder de vermelding ‘voor huur’ heeft appellant met de verklaring van X niet aannemelijk gemaakt dat het gaat om een lening die terugbetaald moet worden. Deze bijschrijving is terecht als middel bij de bijstand van appellant in aanmerking genomen.
Rechters
Advocaten
- F.H.M. van Oorschot
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
