ECLI:NL:CRVB:2020:2793
Centrale Raad van Beroep · 12-11-2020 · zaaknummer 19/1392 WAZ
Inhoudsindicatie
Aan de orde is de afwijzing van een verzoek om terug te komen van het besluit van 2 mei 2006, waarbij de aanvraag voor een WAZ-uitkering is afgewezen. Het standpunt van appellant dat een volledige inhoudelijke beoordeling heeft plaatsgevonden en het bestreden besluit moet worden getoetst als ware het een besluit op een eerste aanvraag, wordt niet gevolgd. De rechtbank wordt gevolgd in haar oordeel dat niet is gebleken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden. Voorts wordt met de rechtbank overwogen dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep voldoende heeft gemotiveerd dat appellant ten tijde van zijn WAZ-beoordeling in 2006 geen klachten van reuma, artrose met fibromyalgie, spierdystrofie en astmatische bronchitis heeft gemeld. De rechtbank heeft terecht en op goede gronden geoordeeld dat appellant geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden heeft aangevoerd in de zin van artikel 4:6 van de Awb. Er is voorts geen aanleiding om te oordelen dat de afwijzing van de herhaalde aanvraag evident onredelijk is.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
