ECLI:NL:CRVB:2020:2574
Centrale Raad van Beroep · 21-10-2020 · zaaknummer 19/1049 WAO
Inhoudsindicatie
Anticumulatie. Fictief in arbeidsongeschiktheidsklasse van 0 tot 15%, waardoor geen recht bestaat op uitkering. Het salaris dat appellant in de maand december 2016 heeft ontvangen is terecht in het kader van artikel 44, tweede lid, van de WAO uitsluitend toegerekend aan deze maand. Het Uwv mag in beginsel uitgaan van de gegevens uit de polisadministratie. Uit de polisadministratie blijkt niet dat een deel van het bedrag dat door de werkgever is betaald in december 2016 een opbouwkarakter heeft. Voorts heeft appellant niet, met bijvoorbeeld een verklaring van zijn werkgever, aannemelijk gemaakt dat een deel van het bedrag dat in december 2016 is uitbetaald in een tijdvak is opgebouwd en bij aanvang van het tijdvak van opbouw vaststond dat daarop aanspraak bestond.
Advocaten
- M.W.L. Cl
- R.A. Severijn
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
