ECLI:NL:CRVB:2020:2468
Centrale Raad van Beroep · 14-10-2020 · zaaknummer 18/2006 WIA
Inhoudsindicatie
WIA-uitkering terecht beëindigd. Omvang geding. Geen sprake van een meeneembesluit in de zin van artikel 6:19, eerste lid, van de Awb en/of van een besluit dat op grond van artikel 8:69 van de Awb tot de omvang van dit geding behoort. Horen. Niet is gebleken dat appellante van de mogelijkheid tot het geven van een mondelinge toelichting afstand heeft gedaan, zodat geoordeeld moet worden dat het Uwv de hoorplicht heeft geschonden. Niet aannemelijk is echter dat appellante door dit gebrek in haar belangen is geschaad. De grond dat het medisch onderzoek onzorgvuldig is omdat een geregistreerde verzekeringsarts een rapport van een niet-geregistreerde verzekeringsarts heeft getoetst en akkoord bevonden, slaagt niet. Voldoende medische grondslag.
Rechters
Advocaten
- A. van Deuzen
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
