ECLI:NL:CRVB:2020:2332
Centrale Raad van Beroep · 30-09-2020 · zaaknummer 16/6324 WIA
Inhoudsindicatie
Als uitgangspunt geldt dat de bestuursrechter het oordeel van een onafhankelijke door hem ingeschakelde deskundige volgt als de door de deskundige gebezigde motivering hem overtuigend voorkomt. Deze situatie doet zich hier voor. De wijze waarop in het rapport is ingegaan op de verschillende klachten van appellant en de informatie uit de behandelend sector, geven blijk van een zorgvuldig onderzoek en de verslaglegging daarvan is inzichtelijk en consistent. De reactie van appellant van 11 februari 2020 op het rapport van de deskundige geeft geen aanleiding te twijfelen aan het oordeel van de deskundige. Uitgaande van de FML van 22 april 2020 is in de Resultaten functiebeoordeling en de rapporten van de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep van 14 december 2015 en 8 mei 2020 deugdelijk toegelicht dat de geselecteerde functies in medisch opzicht geschikt zijn voor appellant. Nu de mate van arbeidsongeschiktheid op basis van de drie resterende functies minder dan 35% bedraagt, is de WIA-uitkering van appellant terecht met ingang van 10 september 2015 beëindigd. De schending van artikel 7:12, eerste lid, van de Awb zal onder toepassing van artikel 6:22 van de Awb worden gepasseerd, omdat aannemelijk is dat belanghebbenden hierdoor niet zijn benadeeld. Er bestaat aanleiding het Uwv te veroordelen in de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep.
Advocaten
- J.F.D. Bruinsma
- T.A. Vetter
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
