ECLI:NL:CRVB:2020:1692
Centrale Raad van Beroep · 31-07-2020 · zaaknummer 19/4020 AOW-V
Inhoudsindicatie
In verzet heeft verzoekster te kennen gegeven dat zij de nota voor betaling van het griffierecht heeft ontvangen nadat de termijn voor voldoening van het griffierecht was verstreken. Zij verzoekt de Raad om een nieuwe termijn om het griffierecht alsnog te voldoen. De Raad is van oordeel dat verzoekster in verzet geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat zij niet in verzuim is geweest. Verzoekster heeft de late ontvangst van de nota niet geconcretiseerd en evenmin met bewijsstukken onderbouwd. Dit betekent dat het verzet ongegrond wordt verklaard.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
