ECLI:NL:CRVB:2020:1606
Centrale Raad van Beroep · 23-07-2020 · zaaknummer 19/4183 WIA
Inhoudsindicatie
Met de rechtbank worden de door de verzekeringsartsen op basis van hun onderzoek getrokken conclusies onderschreven. Wat appellante in hoger beroep heeft aangevoerd vormt geen aanleiding anders te oordelen dan de rechtbank heeft gedaan. Appellante wordt niet gevolgd in haar standpunt ter zitting dat onvoldoende rekening is gehouden met haar schouderklachten. Voorts wordt appellante niet gevolgd in haar standpunt ter zitting dat geen rekening is gehouden met het feit dat zij enkele weken na de datum in geding is geopereerd aan haar handen. Ook wordt de rechtbank gevolgd in haar oordeel dat het Uwv voldoende heeft gemotiveerd dat de aan de berekening van het arbeidsongeschiktheidspercentage ten grondslag gelegde functies in medisch opzicht voor appellante geschikt zijn.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
