ECLI:NL:CRVB:2020:1591
Centrale Raad van Beroep · 23-07-2020 · zaaknummer 19/5360 AW
Inhoudsindicatie
De raad van bestuur kon in redelijkheid weigeren het dienstverband voort te zetten na afloop van een proeftijd. Van werkgeverszijde is, mede op advies van de bedrijfsarts, gezocht naar een geschikte andere werkplek, maar dit heeft helaas geen resultaat gehad. Al met al is de conclusie dat de extra kans die appellant met de verlenging van de tijdelijke aanstelling is geboden, niet tot het gehoopte resultaat heeft geleid. De raad van bestuur kon in redelijkheid tot het oordeel komen dat de betrokken ambtenaar niet aan de door het bestuursorgaan redelijkerwijs te stellen eisen en/of verwachtingen heeft voldaan. Geen sprake van discriminatie. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat de weigering om het dienstverband voort te zetten verband houdt met het autisme van appellant.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
