ECLI:NL:CRVB:2020:1306
Centrale Raad van Beroep · 25-06-2020 · zaaknummer 19/2838 AW
Inhoudsindicatie
Aanvraag om toekenning van een bovenwettelijke uitkering als bedoeld in de Zavo terecht afgewezen omdat deze te laat is ingediend. Appellant heeft niet aangetoond dat hij redelijkerwijs niet in staat is geweest om de termijn van zeven dagen na het tijdstip waarop zijn benoeming in tijdelijke dienst is afgelopen in acht te nemen. Niet gebleken dat appellant in die periode redelijkerwijs niet in staat is geweest om (tijdig) een aanvraag in te dienen. Er bestond verder voor de stichting geen verplichting appellant te wijzen op de mogelijkheid van het doen van een aanvraag voor een uitkering op grond van de Zavo.
Rechters
Advocaten
- W.J.A. Vis
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
