ECLI:NL:CRVB:2020:1261
Centrale Raad van Beroep · 17-06-2020 · zaaknummer 18/1628 WIA
Inhoudsindicatie
Het Uwv heeft zich terecht gekeerd tegen het oordeel van de rechtbank over de toepasselijkheid van artikel 3:3, vijfde lid, van het AIB. Met het Uwv wordt geoordeeld dat in het geval van betrokkene in de periode hier in geding, te weten vanaf 1 juni 2015 tot 23 mei 2017, sprake is van een situatie waarin gelijktijdig aanspraak bestaat op twee uitkeringen, te weten een ZW-uitkering en een WGA-vervolguitkering en dat daarom, gelet op de tekst, artikel 25 van het Dagloonbesluit op deze situatie van toepassing is. De stelling van betrokkene dat artikel 25 van het Dagloonbesluit niet van toepassing is, omdat de WGA-vervolguitkering van betrokkene niet is gebaseerd op een WIA-dagloon, maar op het wettelijke minimumloon, volgt de Raad niet. Het hoger beroep slaagt.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
