ECLI:NL:CRVB:2020:1036
Centrale Raad van Beroep · 23-04-2020 · zaaknummer 18/3498 ZW
Inhoudsindicatie
Appellante heeft ter zitting nieuwe stukken willen overleggen maar dat dit verzoek wegens strijd met de goede procesorde is afgewezen. De door appellante gevorderde materiële schade heeft betrekking op de vertraging in de voldoening van een geldsom. Het Uwv is daarom niet gehouden om meer te vergoeden dat de wettelijke rente. Met betrekking tot de gestelde immateriële schade is niet gebleken dat deze schade het gevolg is van het onrechtmatige besluit van 27 september 2016. Om deze reden komt ook deze schade niet voor vergoeding in aanmerking.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
